Sunday, May 28, 2006
Wednesday, May 24, 2006
12.58
Goed, en het uitwerkingsidee klopte nog niet helemaal. Dat had ik al begrepen. Op deze manier zou ik te veel van de regie aan het publiek over laten. Dit is natuurlijk niet de bedoeling, omdat er al een verhaal ligt. Nou is er toch besloten om een boekvorm te maken, maar dan wil ik het wel op zo'n manier dat de zoektocht en het maken van de verbanden er alsnog in duidelijk worden. En zo toch ook enige ruimte te laten voor het publiek om eigen verbanden en links te vinden.
Ik ga aan de slag!
Sunday, May 14, 2006
Uitwerking
Hierin komen beelden van de briefjes die in het verhaal verwerkt zijn, maar ook van de omgeving (mijn eigen dorp) waar het personage zich tijdens het verhaal bevindt en beelden over haar leven, familie, interesses, vrienden, eetgewoonten etc.
Eerste foto's volgen snel.
Eerste versie
Het huis op Groot Welsden 32 is een groot huis met de zon op de voorgevel. Het is omgeven door een goed onderhouden haag van verschillende boompjes. Ze zijn bijgewerkt. Je kunt het zien. De resten van de winter, oude bladeren en takken, zijn net weg gehaald. Overal zitten nieuwe, jonge knoppen aan de haag. Nog even en ze bloeien. De geur van regen hangt in de lucht. De haag wacht geduldig op vers water. De manke overbuurman spuit zijn stoep schoon. De pup die bij hem is vindt het een geweldig spelletje en probeert verwoed de waterstraal te vangen. Een oud paartje loopt hand in hand voorbij met een glimlach op hun gezicht. het is zo'n mooie dag, maar zij weten nog niet dat er regen aankomt. Een onvoorzichtige jongen fietst voorbij over de stoep, bijna de tuin in. De krant steekt onopgemerkt uit de brievenbus bij het huis. Niemand is hem nog komen halen. Ook de hond die achter het raam ligt te genieten van de zon heeft hem nog niet gezien.
Een jonge vrouw stapt naar buiten. Twijfelend kijkt ze in het rond. Ze ziet er verwart uit. Ze raakt even van de kaart door de taferelen die ze ziet. Er is drukte om haar heen, maar zij lijkt er niet thuis te horen. Een briefje waait haar tuin in. Het enige woord dat erop geschreven staat is voor iedereen die het opmerkt te lezen. De vrouw ziet het gebeuren en kijkt er naar. Het briefje is spierwit en nog weinig aangetast door weer en wind. ER staat een enkele naam met blauwe pen op geschreven: Gaby. De vrouw zucht, duidelijk opgelucht. Hoe kon ze dat nou vergeten? Ze haalt de krant uit haar brievenbus. Gaby. Tuurlijk! Dat is haar naam. Hoe kon ze haar naam nou vergeten zijn? Haar hond die nog steeds achter het raam ligt, opent een oog en kijkt naar haar. Hij lijkt haar te begrijpen. Hij weet wat ze denkt. Ze had gewoon slecht geslapen. Er verschijnt een glinstering in haar ogen. Ze lacht en schudt haar hoofd. Daarna loopt ze de trap van haar tuin af en gaat op weg. Waarheen? Ze weet het niet helemaal zeker. Ze volgt haar gevoel. het is een mooie dag. Ze kan de regen ruiken. Regen zou verkoeling brengen. het zou goed zijn voor haar haag. Ze keek er naar uit. Een paar vriendelijke ogen kijkt Gaby na.
Ook in het centrum van het dorp is het druk. De terrassen zitten vol met toeristen. Overal hoor je vrolijk geklets. Drankjes worden achterover geschud en glazen hervult. Ze staat voor het hotel en kijkt er naar. Niet helemaal zeker van wat ze hier doet. Iets op de grond trekt haar aandacht. Een muisje schiet voor haar voeten langs. Hij had natuurlijk in de zon gelegen en zij had hem afgeschrikt. Waar hij weg geschoten was trok iets anders haar aandacht. Een propje papier. Ze vouwt het open. Het ziet er bekend uit, maar ze weet niet helemaal waarvan. Opeens hoort ze gepiep. Het komt uit haar tas. Een envelopje op haar telefoon vertelt haar dat er een bericht voor haar is. Dan ziet ze nog iets anders. Een visitekaartje: Gaby Meertens, 043-4587749, 06-23464113. ze kijkt nog eens naar het hotel en voelt zich trots. Bij de haag wordt een tak losgelaten door een zongebruinde hand.
Gaby loopt verder het dorp in. Voor de kerk blijft ze staan. Vroeger kwam ze er vaak, denkt ze. Het houdt haar nu tegen. Het heeft iets mysterieus, iets machtigs, maar ook iets kils. Ze haalt wat te drinken bij de lunchroom, maar de mooie plekjes in de zon zijn al bezet. Na een lichte aarzeling besluit ze op een bankje voor de kerk te gaan zitten. De torenklok slaat één keer. Half een. Auto’s rijden langs. Een blikje wordt weggeschoten onder een auto door. Het landt voor haar voeten. Terwijl het blikje verder rolt ziet Gaby een stukje papier uit een agenda. Zaterdag 2 en zondag 3 januari. Het komt uit een kalender. De bovenkant van het vel is gescheurd. Ze voelt de kleur uit haar gezicht wegtrekken. Ineens is ze weer zes jaar oud. Ze loopt naar haar opa toe. Elke zondag. Ze was dol op hem. Ze voelde zich heel wat toen hij haar toevertrouwde om hem zijn zondagse glaasje port te brengen. Ze staat op en draait zich om naar de kerk. Ze weet weer waarom ze niet meer gaat. De laatste keer moest ze daar afscheid nemen. Vanuit de bakkerij tegenover kijkt iemand toe.
Kinderen rennen haar voorbij. Voor vandaag is de school uit. Een jongen loopt tegen haar aan. Zijn tas valt op de grond. Hij verontschuldigt zich, pakt zijn tas op en rent zijn vrienden achterna. Zij kijkt hem na met een glimlach. Soms zou ze willen dat ze weer jong was. Toen was alles nog simpel. Ze glimlacht. Op het gras bij de school ligt nog een boek. Het is uit de tas van de jongen gevallen. Wanneer ze het opraapt valt er een briefje uit. Een briefje voor de juf. Hij heeft net leren schrijven. De letters zijn nog onzeker op het papier gezet. Ze glimlacht. Goet… met een t. Gaby voelt zich vreemd. Ze mist iets. Een kind. Ze heeft een dochter! Maar waar? De school is uit, dus waar is haar dochter. Ze begint te rennen. In tegengestelde richting dan de kinderen op gelopen zijn. Ze let nergens meer op. Deze keer weet ze dat ze de goede kant op gaat. Bij de school wordt het boek opgeraapt.
Ze neemt een binnenweggetje. Ze kan zich niet herinneren hier ooit eerder te zijn geweest. Terwijl ze om zich heen kijkt voor iets bekends struikelt ze over een tak die op haar pad ligt. Ze valt uitgestrekt op de grond. Als ze opkrabbelt ziet ze een deel van een schrift voor haar neus. Taal. Het is een taalschrift. Er staan rijtjes woorden in geschreven. Haar dochter zit dus nog op de basisschool! Gaby wrijft haar pijnlijk geschaafde knieën en loopt dapper verder. Ze moet naar huis! Daar moet ze heen! En daar is ze naar op weg. Als Gaby verder gaat stopt er een man bij het deel van het schrift. Hij is buiten adem.
Ze komt bij haar huis aan en zoekt verwoed naar de sleutels die vast in haar tas moeten zitten. Waarom kan ze die dan niet vinden? Ze voelt de paniek terug komen. Dan gaat de deur open. Een kind staat voor haar neus. Een meisje… Haar dochter. Ze krijgt een stevige knuffel van haar. Gaby voelt zich een stuk rustiger. Samen gaan ze naar binnen. Op een afstandje kijkt de man glimlachend toe.
Op de tafel bij de deur liggen haar sleutels. Boven op een map. De map komt haar niet bekend voor. Wanneer ze hem opent komt alles beetje bij beetje bij haar terug. Fragmenten van haar leven. Alles, grote en kleine dingen, belangrijke en minder belangrijke, in één map, samengevat. Haar hele leven is in deze map. Het duizelt haar. Ze realiseert zich dat ze de hele dag nog niet gegeten heeft…
Er wordt op de deur geklopt. Als ze opendoet staat er niemand. De zon schijnt recht in haar gezicht, zodat ze nog maar één kant op kan kijken. In het gras voor haar voeten ligt een briefje…
Het heeft even geduurd...
Mijn project gaat over verbanden / verbindingen in verloren boodschappen.
Aan de hand van de door mij gevonden briefjes ga ik een verhaal over een persoon maken. Dus verschillende briefjes worden gelinkt om zo een personage te creëeren.
Friday, April 21, 2006
Thursday, April 20, 2006
Buijs Ballotstraat 55
De grote vraag vandaag was “Mijn project gaat over…”. Er zijn wel verschillende dingen genoemd. Wat het meest in de buurt kwam is denk ik toch 'het opwaarderen van kleine communicatie', omdat in de dingen die ik heb gedaan, met de gevonden briefjes, hier meer van probeer te maken dan ze zijn. Maar verder, hoe formuleer ik het tot iets waar ík me in kan vinden en waar het volgens míj ook over gaat...
Dit moet ik voor mijzelf dus eerst goed benoemen en structureren... resultaat volgt (hopenlijk) gauw
(kleine communicatie: bericht van een zender voor een eventuele ontvanger, maar niet (bewust) voor het publiek bedoeld)
Bespreking 27.03.06
Preview 21.03.06
Het verspreidt zich: Krant, tv, radio, e-mail, brieven, posters, graffiti en het overnemen van woorden die je ergens anders hebt gehoord (bijvoorbeeld ‘Doekoe’ van Def Rhymes).
Het verandert: We praten en schrijven niet meer hetzelfde als 10 jaar geleden, verschillende handschriften, verschillende fonts.
Het past zich aan: Nieuwe wensen, nieuwe vormen van taal.Sms-taal en leetspeak zijn aanpassingen gebaseerd op behoeften die zijn verandert.
Telkens in een andere vorm terug te vinden: Taal komt in 4 grote vormen voor: spreken, luisteren, schrijven en lezen.

Voor mij is geschreven taal het interessantst. Ik heb in de stad, Eindhoven, gekeken naar wat daar te vinden was aan geschreven taal. Dit heb ik onderverdeeld in 3 categorieën: graffiti, posters en winkellogo’s/reclame.
Graffiti:
Posters:



Verder heb ik ook in mijn eigen dorp, Margraten, gekeken naar geschreven taal. Deze heb ik ook weer onderverdeeld in verschillende categorieën: onbewuste boodschap, verloren boodschap, naam en bewuste boodschap.
Onbewuste boodschap: Handgeschreven dingen die bewust zijn achtergelaten, maar geen duidelijke boodschap die te begrijpen is voor een buitenstaander.




Verloren boodschap: Dit zijn handgeschreven briefjes, snippers, die mensen verloren zijn. Ze zeggen niks specifieks. Ze zijn ook niet met een doel achtergelaten.
Naam: Mensen hebben ook op verschillende plaatsen bewust hun naam achtergelaten. Dit is voornamelijk bij openbare plaatsen het geval: bij de kerk, winkels, school…

Bewuste boodschap: Handgeschreven boodschappen die voor andere mensen bedoeld zijn. Ze zeggen iets wat voor een buitenstaander te begrijpen is.
En hoe gaan we verder...?








































